VAN SCHNAUZER NAAR RIESENSCHNAUZER


Mijn moeder was de eerste die mij attent maakte op de schnauzer. Ze dacht dat die zich wel goed zou aanpassen aan de baas. Nou, dat hebben we geweten toen we onze eerste schnauzer, een middenslag, aanschaften: de eigenzinnige, terriërachtige, peper-en-zout-kleurige Roos. Met haar hebben we alle beginnersfouten gemaakt die we maar konden maken. Echt gehoorzaam is ze nooit geworden. (Alleen binnen een straal van vijf meter wil ze wel eens luisteren.) Een echte vagebond. Overigens: wat een karakter! Moedig maar kindvriendelijk, (zo is ze wel op scholen gebruikt voor demonstraties en geen kind hoefde bang voor haar te zijn), intelligent

(ze beschikt over een enorme woordenschat), zeer waakzaam en bij dat alles heeft ze een natuurlijk, gezond egoïsme.

Ze is nu 13 jaar oud, kan nog veerkrachtig op stoelen klimmen en hardlopen als de beste, maar ja, haar leeftijd brengt met zich mee dat ze net zo lief of misschien wel liever op haar matje thuis ligt dan dat ze gaat wandelen, dat ze wat intenser slaapt, licht en aandoenlijk snurkend, en soms wat minder soepel is in de gewrichten.

Twee jaar lang was ze nummer één in het gezin. Die bevoorrechte positie moest ze prijsgeven toen we een tweede hond aanschaften, Scapman’s Umousa, voor ons Mousa, een zwarte Riesenschnauzer.Hoe we aan de Riesenschnauzer kwamen? We bewonderden op een schnauzerclubshow, ik weet niet meer waar, hun rollend gangwerk, hun zwarte schoonheid en ook de zo typerende frou, die soms zo komisch aandoet en zich zozeer leent voor karikaturen. Daar komt nog bij dat ze in hoge mate imponerend zijn, kalm en toch temperamentvol.

Roos was niet bijster ingenomen met die indringer, die als zeven weken oude pup bij ons kwam; ze heeft haar nooit kwaad gedaan en alleen door hevig aanblaffen getracht haar overwicht op die alsmaar groter wordende kleine te bewaren. Tot er een moment kwam dat de nieuweling dat niet meer pikte en zich met een woedend gegrom en zelfs met bijten tegen haar keerde. Dat gaf problemen! Met moed, beleid en trouw hebben we ze opgelost, maar we hebben er jaren over gedaan. Nu is Mousa 11 jaar oud, heeft na twee bevallingen een zekere rust gevonden en laat zich door niets en niemand meer intimideren. Zij speelt zo nu en dan met haar kleindochter Anu en houdt nog steeds van wandelen.


Karakteristieken van de Riesenschnauzer


Riesenschnauzers zijn levendige, speelse en eigenwijze honden. Ze hebben veel temperament en zijn niet bang. Vaak treden ze zelfstandig op waarbij ze zich weinig aantrekken van het geroep van hun baas. (Misschien een terriërtrekje.) Ze zijn rustig in huis en waakzaam. Het zijn ‘harde’ honden en ze kunnen veel verdragen. Schuwheid en nervositeit horen niet tot de karaktertrekken van dit ras. Natuurlijk kunnen ze ook heel lief en aanhankelijk zijn, al is het zo dat niet iedereen hun beste vriend is. Veel hangt ervan af, hoe consequent ze door de baas opgevoed worden.

Uit het voorafgaande blijkt wel dat de Riesenschnauzer een vriendelijke, speelse, maar strenge (en nogmaals: consequente) baas/bazin nodig heeft die hem duidelijk en rustig zijn grenzen aangeeft. Het ras heeft een grote energie, daarom is het een vereiste dat er veel mee gedaan wordt. Ze kunnen zich razendsnel bewegen en hoog springen. Ze lopen voortreffelijk aan de fiets en zwemmen graag; daarnaast zijn veel sportactiviteiten geschikt voor ze, zoals waak- en verdedigingswerk, speuren, agility, flyball, enz., allemaal bezigheden die de band tussen baas en hond alleen maar verdiepen. Wel moet U rekening houden met het wat tragere leervermogen. Dat is misschien wat minder geactiveerd door de selectie in het verleden op zelfstandig gedrag. Hun probleemoplossend vermogen is daarentegen zeer goed, zoals het openmaken van deuren en het zich redden uit een doolhof. De Riesenschauzer vereist wel enig geduld ; hij is nieuwsgierig en snel afgeleid, dus spel en snoepjes kunnen lokkertjes zijn bij de training. Het is geen hond voor mensen die weinig tijd in hem kunnen investeren. Ook mag men niet vergeten dat het een grote hond is (een reu is al gauw 69/70 cm. hoog, weegt zo’n 40 à 50 kilogram en bezit een enorme spierkracht). Met kinderen accorderen ze prima, mits het proces kind-hond goed door de baas begeleid wordt.

Riesenschnauzers zijn goede waakhonden en aanhankelijke kameraden, die tot op hoge leeftijd hun speelsheid kunnen behouden.